Nationale Luchtvaart School

Met de vestiging van de Nationale Luchtvaart School op de luchthaven, werd Zestienhoven naast een vliegclub, tevens een eerste opleidingscentrum en onderhoudswerkplaats rijker. We kijken terug naar de periode van de vestiging in1957 tot aan het  vertrek in 1978 van de Schreiner/NLS groep naar vliegveld Beek.  

PH-UAY  DH-82A Tiger Moth Nationale Luchtvaart School voor de hangaar op Zestienhoven.                      (Nico Terlouw, Zestienhoven, 1961)

De Nationale Luchtvaart School (NLS) werd al in 1927 opgericht. Binnen de net opgerichte Rotterdamse Aero Cub (1926) zag men duidelijk het belang van een goede opleiding voor piloten. Voor de Tweede Wereldoorlog werd gevlogen vanaf de vliegvelden Waalhaven en Schiphol. Na de oorlog werd in 1945 de draad weer opgepakt en werden opleidingen gestart van zowel Ypenburg als Hilversum.

Naast de vliegopleiding bezat de NLS een technische dienst. De Rijksluchtvaartdienst stond in 1950 toe dat de NLS grote revisies verrichte van de Continental motoren van onder andere de Piper Cub. Deze erkenning hield in dat voortaan ook de Continental motoren van derden door de NLS gereviseerd konden worden. In de jaren vijftig was daarmee een groot deel van de Nederlandse sportvloot in onderhoud bij de NLS. Op Hilversum werden de activiteiten in de jaren vijftig flink uitgebreid. In 1953 werd een nieuwe hangaar in gebruik genomen, geschikt voor zes vliegtuigen, een leerling lokaal en instructieruimte.

In het midden van de jaren vijftig werd besloten van Ypenburg een militaire basis te maken en op 1 oktober 1955 werd het veld gesloten voor burgerluchtvaart verkeer. Vliegveld Zestienhoven was in aanleg en de NLS werd toegestaan om in de periode totdat de nieuwe luchthaven was aangelegd, tussen het militaire verkeer, nog gebruik te maken van de basis.

Op 12 mei 1957 verhuisde de Nationale Luchtvaart School naar Zestienhoven en werd tijdelijk gehuisvest in het zelfde gebouw waar de Rotterdamse en Haagse Aero Club waren ondergebracht. De NLS vloot welke vanaf Rotterdam en Hilversum werd ingezet bestond op dat moment uit:

11 Super Cubs                        PH-UCE, PH-UCG, PH-UCH, PH-UCI, PH-UCP, P-UCS, PH-UCT, PH-UCX, PH-UCZ, PH-NCT, PH-NCW

8   DH-82A Tiger Moths        PH-UDK, PH-UDM, PH-UDN, PH-UEW, PH-UFF, PH-UFH, PH-UFN, PH-UFO

1 Auster Mk.lll                        PH-UFP

PH-UCP  Piper L-4H Grasshopper in de kleuren van de Nationale Luchtvaart School op Hilversum.                      (Hilversum 1966)

Het belang van de NLS en de sportvliegerij in Nederland werd duidelijk bij het uitdrukken in vlieguren. Van de 7076 sportvlieguren die in 1957 werden gemaak, verliep het merendeel bij de NLS en wel 5567 uur.

Op Zestienhoven werd in 1957 gestart met de bouw van een eigen onderkomen, inclsief hangaar, welke op 20 september 1958 geopend werd door burgemeester van Walsum. Deze opening ging vergezeld van vliegdemonstraties.

Naast de opleiding van nieuwe piloten werden de NLS toestellen steeds meer gebruikt voor andere doelen. Zo werden de DH-82A Tiger Moths verhuurd voor reclamesleepvluchten onder andere door het Nederlands Luchtreclame bedrijf (een bedrijf van Martin Schroder waarvoor ook John Block als free lancer vloog) en NV Aero Contractors (Schreiner). Ook werden veelvuldig fotovluchten uitgevoerd in opdracht van KLM Aerocarto. Andere vluchten waren voor het ANP (Algemeen Nederlands Persbureau), de Nederlandse Televisie Stichting en radio omroepen.

In 1958 kreeg de NLS vergunning om vanaf Hilversum en Rotterdam rondvluchten uit te voeren. De belangrijkste beweegreden voor de NLS om hiermee te beginnen was belangstellenden tegen een gering bedrag kennis te laten maken met de mogelijkheden van de luchtvaart. In 1959 werden deze rondvluchten uitgebreid met vluchten vanaf Eelde, Beek. Ameland, Heemstede, Teuge en Texel.

In oktober 1958 nam de NLS op Rotterdam een linktrainer in gebruik. In juni 1957 werd een nieuw vliegtuigtype aangekocht, de Pa-22-150 Tri Pacer PH-RAC. 

In 1959 nam de NLS de technische afdeling over van Holland Air in Katwijk (bouwer van de Libel), waardoor een grote hoeveelheid gereedschappen, machines en onderdelen in handen kwam van de NLS. In het najaar van 1958 bracht de NLS een groot deel van haar technische dienst over van Hilversum naar Zestienhoven waar een nieuwe grotere ruimte in gebruik werd genomen.

De NLS kwam deze begin jaren op Zestienhoven niet geheel ongeschonden door. Op 4 juni 1958 werd de Tiger Moth PH-UDM afgeschreven na een motorstoring waarbij het toestel in de Loosdrechtse plassen terecht kwam, dit toestel stond gestationeerd op Hilversum. En jaar later werd de DH-82A Tiger Moth PH-UFO op 20 september 1959 afgeschreven na een ongeval nabij Nieuw Loosdrecht, waarbij het toestel op lage hoogte de grond raakte. Op 18 november 1960 werd de Tiger Moth PH-UFF afgeschreven na een ongeval op Hilversum. 

Bij de Saab S-91A Safir werd het opschrift "Rijks" door "Nationale" vervangen, maar bleef de tekst Holland staan.                      (Nico Terlouw, Zestienhoven, 1962)

In 1960 nam de vliegschool twintig DH-82A Tiger Moths en vier Saab S-91A Safirs over van de Rijksluchtvaartschool. Van deze serie Tiger Moths werden er meteen negen verkocht. De resterende elf (PH-UAC, UAG, UAN, UAO, UAR, UAU, UAV, UAX, UAY, UDC en UDZ) waren voor eigen gebruik. Van de Saab Safirs nam de NLS er zelf twee in gebruik (PH-UEA en UEG), maar achteraf bleken deze toestellen geen gelukkige koop te zijn. Ze vergden veel onderhoud en waren bij het lesvliegen niet altijd ongevaarlijk. De NLS vloog eind jaren vijftig met 3 Auster lll's, welke deels op Hilversum, deels op Rotterdam werden ingezet. Naast de eerder genoemde PH-UFP werd in juli 1957 een tweede Auster van de KLu overgenomen, de 21-33 welke werd ingeschreven als de PH-UFP en werd in december 1958 de PH-NGH van de KNvVL aangekocht. Met de uitbreiding van de Tiger Moth vloot werden in december 1960 de PH-UFM en PH-UFP verkocht aan J.Daams en vertrok de PH-NGH naar G.J.Veen. Echter dit was maar voor korte duur want in januari 1963 werd dit toestel weer op naam ingeschreven van de NLS.   

PH-NGH Auster lll Nationale Luchtvaart School                                                                       (Nico Terlouw, Zestienhoven, 1964)

Het standaard lesvliegtuig was in die tijd de Piper Cub, gevolgd door de Tiger Moth. Andere toestellen werden gebruikt voor verhuur en de Tiger Moths vooral als sleepvliegtuig. De meeste lesvluchten werden uitgevoerd vanaf Hilversum. Op Zestienhoven werd gelesd vanaf de grasbaan, echter hierbij waren de benodigde beperkingen ten opzichte van het vliegverkeer. De Piper Cub en Super Cub vloot werd in het begin van de jaren zestig uitgebreid met de komst c van Super Cub PH-JWK, afkomstig van de luchtmacht (ex R-50) en de opbouw van de PH-CWA en PH-NKC, welke door de technische dienst beiden uit onderdelen werden opgebouwd. Van de oud gedienden werd alleen de Piper L-4H Cub PH-UCT in 1958 buiten gebruik gesteld.

Vanaf 1962 kon de DH-82A Tiger Moth ook niet meer als lesvliegtuig ingezet worden door een verbod van de RLD om in de voorste zitplaats plaats te nemen. De RLD constateerde dat de buikriemen van dit vliegtuigtype, welke op dat moment 31 jaar in gebruik was, op ondeugdelijke wijze waren aangebracht. De bevestigingspunten bevonden zich namelijk recht onder de stoel in plaats van, zoals volgens de nieuwe regels hoorde, schuin erachter. Verplaatsen van de bevestigingspunten blek technisch lastig, zodat tot een verbod werd overgegaan. Als direct reactie werd bij een aantal Tiger Moths de voorste zitplaats afgedekt.

Naast de opleiding kwam eind jaren vijftig steeds meer de vraag om vliegtuigen voor de opgeleide vliegers ter beschikking te hebben voor het uitvoeren van toervluchten. Dit leidde al in 1960 tot de aanschaf van de Mooney 20A PH-HRC en in 1961 tot de aanschaf van de Erco 415CD Ercoupe PH-NBD en Cessna C-172B PH-KKO. In 1961 werd als eerste bedrijf in Nederland de bestelling geplaatst voor drie MS-880B Rallye Clubs en een MS-885 Duper Rallye. De MS-880B's werden al in 1962/1963 afgeleverd als PH-AAE en PH-MSA en PH-MSB en de MS-885 als PH-WIA waarbij deze laatst genoemde al snel verkocht werd. Ook de Ercoupe PH-NBD was slechts een goed jaar in gebruik en werd afgeschreven na een ongeval op Hilversum op 31 oktober 1962.

Er zat in de eerste helft van de jaren zestig een stevige groei in het aantal lesuren. In juli 1963 werdvoor het eerst 1000 vlieguren in een maand gerealiseerd. In 1962 had de NLS een vloot van 32 toestellen in bezit. 

12 DH-82A Tiger Moths        PH-UAG, PH-UAN, PH-UAO, PH-UAP, PH-AUR, PH-UAV, PH-UAW, PH-UAY, PH-UDC, PH-UDZ, PH-UFH

12 Piper Cubs                        PH-NCT, PH-NCW, PH-NKC, PH-UCE, PH-UCH, PH-UCI, PH-UCP, PH-UCS, PH-UCX, PH-UCZ, PH-JLK

1 Auster lll                              PH- NGH 

2 Saab Safir's                         PH-UEA, PH-UEG

1 Ercoupe 415                       PH-NBD

1 MS-880B                             PH-AAE

1 MS-885                                PH-WIA

1 Mooney M.20A                  PH-HRC

1 Cessna 172B                      PH-KKO

PH-NBD Ercoupe 415CD                                                                                 (Nico Terlouw, Zestienhoven, 1961)

De Tiger Moth vloot van de NLS werd in het begin van de jaren zestig sterk uitgedund. De PH-UDN werd in juli 1960 verkocht aan Aero Limburg. De PH-UAC werd op 12 maart 1962 afgeschreven na een ongeval op Melissant, de PH-UAW op 29 juni 1963 na een ongeval op Eelde. De PH-UFH kwam op 28 juli 1965 in de Bergseplas terecht en de PH-NEB werd dat jaar op 16 augustus afgeschreven na een ongeval op Hilversum. Daarnaast werden er diverse Tiger Moths uit dienst genomen en veelal gebruikt voor onderdelen, zoals de PH-UEW waarbij de inschrijving werd doorgehaald op 20 september 1960, de PH-UFN op 17 janauari 1962, de PH-UDC op 27 november 1963, de PH-UAV op 9 maart 1965, de PH-UAN op 31 augustus 1964 en PH-UAR en PH-UAY op 30 augustus 1965. Echter de vloot werd in juni 1964 versterkt met de PH-UAP afkomstig van de Noord Nederlandse Aero Club, zodat het Tiger Moth bestand op 1 januari 1966 bestond uit de PH-NLC, PH-UAG, PH-UAO, PH-UAP en PH-UDZ. Ook de beide Saab S-91A Safirs weden afgestoten, de inschrijving van de PH-UEA werd in november 1965 doorgehaald en de PH-UEG werd in december 1966 verkocht.

Met het vertrek van de DH-82 Tiger Moth vloot werd de vloot in 1966/1967 uitgebreid met de komst van een aantal Piper L-18C Super Cubs afkomstig van de luchtmacht. Deze werden ingeschreven als de PH-NLB (ex R-45), PH-NLD (ex R-51), PH-NLF (ex R-43), PH-NLG (ex R-67) en PH-WJK (ex R-40). Daarnaast werd de Piper L-4J Grasshopper OO-AVL aangekocht, welke werd ingeschreven als de PH-NLA.

De MS-885 Super Rallye bleef in 1962 maar kort in gebruik bij de NLS en werd na een paar maanden verkocht. De eerste nieuw afgeleverde MS.880B Rallye Club was de PH-AAE in 1962.  In 1963 gevolgd door MS.880B Rallye Clubs PH-MSA en PH-MSB. De PH-AAE werd achter al op 14 maart 1965 afgeschreven na een ongeval bij Winkel.

Het tijdperk van de DH-82 Tiger Moths en Piper Cubs liep ten einde en de NLS stond voor een ingrijpende modernisering van de vloot. Duidelijk hierbij was dat het staartwiel tijdperk ten einde liep. Beschikbaar in 1964 als opvolger voor de lesvliegtuigen waren de Cessna 172 en Piper Pa- 28 Cherokee 140. Een voordeel voor beide vliegtuigtypes was dat dankzij de boordradio bij lagere limieten gevlogen kon worden dan met de Piper Cub die niet met een boordradio was uitgerust. Dit leidde tot de aanschaf van de Piper Pa-28 Cherokee 140's PH-NLS, PH-NLT en PH-NLU in 1965/1966. 

PH-NLU Piper Pa-28-140 met op romp in kleine letters Nationale Luchtvaart School op de romp aangebracht. Dit toestel zou in jul 1968i worden afgeschreven bij een ongeval.                                                                                                         (Nico Terlouw, Zestienhoven,1966) 

In 1967 besloot de NLS de DH-82 Tiger Moth vloot te verkopen. De PH-NLC vertrok naar Duijvestein, de PH-UAG naar General Aviation, de PH-UDZ naar C.Wolders en S.Dijkstra. De PH-UAP werd in mei 1967 buiten gebruik gesteld en verkocht voor onderdelen. De PH-UAO kwam in de opslag terecht en werd enkele jaren later verkocht in de VS als N8233. Met de verkoop van de Tiger Moths vervielen echter wel de inkomsten van de verhuur van de toestellen voor de sleepvluchten.

Met de komst van de Piper Pa-28 Cherokee werd ook het aantal Piper Cub en Super Cub verder ingedund. In 1967 werd de Super Cub PH-JWK afgeschreven bij een ongeval op Hilversum, vertrok de Cub PH-NKC naar de Vliegclub Twente, de PH-UCS naar A.Verschoor en de PH-UCX naar S.Dijkstra, een jaar later gevolgd door door het vertrek van de Super Cub PH-NLG naar Aero Limburg. De twee Auster lll's, naast de PH-NGH werd in september 1966 de PH-NGI van de KNVvL overgenomen, werden in juli respectievelijk oktober 1967 verkocht aan G.J.Veen en J.F.Schipper.

Wel werd de vloot uitgebreid met een twin, geschikt om een twin opleiding te starten. In december 1966 werd de Piper Pa-23-160 Apache OY-DGC aangekocht welke werd ingeschreven als de PH-NLK. In januari 1969 werd de twin vloot verder versterkt met de komst van de Piper Pa-30-160 Twin Commanche PH-ATS welke nieuw van de fabriek werd afgeleverd. De Piper Pa-23 Apache PH-NLK werd dat jaar verkocht aan de Stichting Luchtkartering en Aardkunde. Met de Pa-30 Twin Commanche PH-ATS werd een goed jaar gevlogen. In april 1970 werd deze Twin Commanche verkocht aan Sensor Nederland waarbij het vliegen met een twin bij de NLS werd beëindigd. 

PH-NLK Piper Pa-23-160 Apache                                                                                                   (Nico Terlouw, Zestienhoven,1966) 

Hoewel de eerste Cessna 172, een C-172B Skylark PH-KKO al in april 1961 aan de vloot werd toegevoegd (in dienst tot maart 1963), duurde het tot juni 1968 voordat de eerste Reims/Cessna 172's in dienst werden genomen. Dit werden de PH-HVB, PH-VBE en PH-WVB, In 1972 werd aan deze vloot toegevoegd de PH-BNV.

In februari 1968 benaderde de Schreiner Luchtvaart Groep de NLS met de vraag of de NLS de technische dienst wilde verkopen. Schreiner was kort daarvoor vanaf Schiphol verhuisd naar Zestienhoeven, nadat het zich uit de moordende concurrentiestrijd om de vakantiemarkt had terug getrokken. Een andere tak van Schreiner, de Handelsmaatschappij Schreiner & Co was destijds importeur van Piper vliegtuigen in Nederland en de fabrikant verplichtte haar dealers de beschikking over een vliegopleiding en een service afdeling te hebben. Met de overname van de technische dienst van de NLS kon Schreiner aan deze laatste voorwaarde voldoen.

In 1968 werd de gehele Nationale Luchtvaart School door Schreiner overgenomen. Dit mede daar Schreiner akkoord ging met de overname van de gehele school en de toezegging het personeel over te nemen. De naam Nationale Luchtvaart School bleef daarbij gehandhaafd, omdat directeur/eigenaar Bob Schreiner daar veel waarde aan hechtte. De Schreiner Groep was begin 1968 ook zelf met een vliegopleiding begonnen. Deze opleiding was in de eerste plaats een professionele opleiding voor verkeersvliegers (B3 met Instrument Rating en theoretisch examen B1 en B2). De NLS opleiding was hierbij een goede aanvulling mede gelet op het dealerschap van Piper. Deze overname bracht wel met zich mee dat de vloot van lesvliegtuigen voorzien werd van een Schreiner logo in de staart. De vloot werd verder uitgebreid met de komst van een aantal Pa-28 Cherokees, hierbij werden nieuw afgeleverd de PH-ATT, PH-NLV, PH-NLW en PH-NLX en werd van de Vliegclub Rotterdam de PH-VRH ovrgenomen.

In 1970 werd besloten de vloot te standaardiseren tot, vanzelfsprekend, Piper toestellen. De vloot werd in 1970/1971 verder uitgebreid met drie Cherokees afkomstig van de Vliegclub Rotterdam (PH-VRN, PH-VRO en PH-ROG) en de aankoop van de PH-APU en PH-VDP. Met de komst van deze toestellen werd gelijktijdig de vloot van Piper Cubs en Super Cubs afgestoten. Ook de MS.880B Rallye vloot werd beëindigd waarbij de PH-MSA in april 1971 en PH-MSB in oktober 1972 werden verkocht.

PH-NSA  AA-1A Yankee voorzien van Schreiner embleem in de staart            (Wim Zwakhals, Rotterdam, 25 februari 1972 

In 1968 werd reeds gestart met de opleiding tot helikopter vlieger waarbij en Hughes 269 werd gehuurd van NV Aviasales. In 1971 werd besloten tot een eigen helikopter voor deze opleiding en werd de Hughes 269 PH-NPL aangekocht. Eind 1971/begin 1972 werd de vloot verder versterkt met de komst van drie American Aviation AA-1A Yankees (PH-EHE, PH-NSA en PH-VUL). Twee van deze toestellen (PH-EHE en PH-VUL) werden aangekocht voor de Eindhovense Aero Club en stonden slechts een korte tijd ingeschreven op naam van de NLS. De AA-1A PH-NSA bleef langer in dienst en voorzien van een Schreiner logo in de staart zou het toestel tot oktober 1974 op Rotterdam te zien zijn.

De NLS werd aan het eind van de jaren zestig en begin jaren zeventig een aantal keren opgeschrikt door dodelijke ongevallen. Een daarvan vond plaats voor de overname door Schreiner. Bij Gapinge, nabij Veere, verongelukte op 20 juli 1968 de Piper Pa-28 Cherokee PH-NLU. Het toestel was op weg naar London-Gatwick toen het toestel in slecht weer terecht kwam. Bij een poging een noodlanding te maken verongelukte het toestel waarbij de piloot en twee inzittenden om het leven kwamen. Op 12 april 1971 verongelukte de Piper Cherokee PH-ATT eveneens in Zeeland. Van de vier inzittenden overleefde slecht een inzittende het ongeval. Het toestel was vanaf Zestienhoven vertrokken naar Midden-Zeeland waar drie passagiers instapten voor een rondvlucht. Bij de terugkeer op dit vliegveld ging het mis tijdens de landing.

Eind 1972, begin 1973 werd de vloot van Pa-28-140 Cherokee's vervangen door de nieuwere Pa-28-140 Cherokee E. Deze nieuwe toestellen werden ingeschreven als de PH-NSC, PH-NSE t/m PH-NSH op naam van Schreiner Aviation en voorzien van een nieuw oranje kleurenschema met Schreiner logo in de staart. De naam Nationale Luchtvaart School kwam hierbij niet meer voor. De oude Piper-28-140 Cherokee vloot werd hierbij verkocht in Engeland aan de firma Spencer Aviaton op Fairoaks. Ook de Cessna vloot werd hierbij snel afgebouwd met de verkoop van de PH-EHA, PH-BNV, PH-HVB en PH-VBE. Met de komst van verdere nieuwe toestellen werd de vloot op naam van de NLS snel afgebouwd. De laatste Pa-28 en Pa-28R's werden eind 1973/ begin 1974 verkocht.

Halverwege de jaren zeventig werd de afdeling Hilversum van de NLS gesloten. De NLS bleef nog wel actief als verhuurbedrijf maar in 1976 werd besloten tot opheffen van deze afdeling. Het langst op naam van de Nationale Luchtvaart School stond ingeschreven de Hughes 269 PH-NPL. Pas in maart 1978 werd het toestel overgeschreven op naam van Schreiner Airways.

In 1978 besloot de Schrener/NLS groep te verhuizen naar vliegveld Beek. De reden was de beperking die de sportvliegerij door de luchthaven werden opgelegd en de voortdurende onzekerheid rond de toekomst van het vliegveld. De naam Nationale Luchtvaart School bleef daarbij bestaan en werd eind van de zeventiger jaren weer aangebracht op de Cherokee toestelen van Schreiner.

PH-WVB Reims/Cessna F.172F met bescheiden NLS tekst op de romp                           (Nico Terlouw, Hilversum 1968) 

Lijst van de op naam van Nationale Luchtvaart School ingeschreven toestellen.

PH-NLA Piper L-4J Grasshopper voorzien van Schreiner embleem.                                                                    (David Booster) 

PH-UFH  DH-82A Tiger Moth  NLS met gesloten voorste zitplaats Dit toestel werd afgeschreven na een ongeval waarbij het in de Bergseplas terecht kwam.                                                                                                                           (Nico Terlouw, Zestienhoven,1964) 

PH-NLV  Piper Pa-28-140 Cherokee met Natonale Luchtvaart School op de romp en Schreiner embleem in de staart                 (David Booster, Rotterdam, 1972) 

Bron: Rene de Leeuw, 60 jaar Nationale Luchtvaartschool, Herman Dekker 75 jaar Nederlands Luchtvaart Register, archief Airnieuws

Wim Zwakhals, juli 2015